Optima Alpha cannabinoïden complex.

is het nieuwe ultieme complex uit de keuken van Optima Formula. Optima Formula is al bekend van de zeer zuivere CBD en CBG oliën. En daarbij is vooral gekozen om de zuivere stof los en niet de zogenaam de hennep olies met wat CBD. Daar krijg je vaak de mooiste verhalen te horen van er zitten andere cannabinoiden en terpenen in. Ja? Ok, nou kijk maar eens naar de rapporten. De meeste stoffen zijn minder dan 0,001%. wat doet dan. Nou u raadt het al niks. En de Terpenen, daar is de wetenschap nog helemaal nog niet over uit en wijlen Ronald Glas moest altijd lachen als er weer een nieuwe hennep olie op de markt kwam. 

Optima Alpha,een uniek Cannabinoïden complex met hoge percentages van specifieke cannabinoïden. De Alpha bevat 5% CBD, 1,1% CBDV, 0.2% THCV en 0,2% CBG. Hoewel testen van allerlei laboratoria niet blijken te kloppen hebben we nu gekozen voor een nieuwe laboratorium wat overheid erkend is.

Optima Alpha is een extract uit een EU gecertificeerde maar zeer specifieke plant die deze unieke cannabinoïden in hoge mate bevat. De cannabinoïden die hoog aanwezig zijn zitten in dit complex en zijn hieronder beschreven.

Wij hebben de volgende informatie gevonden, tevens op internet overal te vinden zoals in studies in pubmed.com. Echter de Europese unie erkent de genezende werking nog niet en dus mag men niet zeggen dat het geneest. U kunt zelf de studies vinden op www.pubmed.com

Tetrahydrocannabivarin (THCV)

Tetrahydrocannabivarin (THCV) is een cannabinoid dat geen psycho actieve werking heeft en ernaast een heleboel medische voordelen kan bieden. THCV heeft een honger remmende werking wat inhoud dat het mogelijk maakt om medicijnen of supplementen te ontwikkelen tegen obesitas en is ook zeer effectief gebleken tegen diabetes omdat het de suiker spiegel reguleert.

THCV Tetrahydrocannabivarine (THCV) is medisch gezien een van de belangrijkste cannabinoïden. Het lijkt bij lage doses te werken als antagonist van cannabinoïdereceptoren, maar vreemd genoeg als agonist bij hoge doses, met soortgelijke effecten als THC. Sinds de ontdekking van THCV in 1973, is het belang ervan binnen de medische kringen steeds groter geworden. Echte bij lage dosis tot 5% merkt men geen high.

Tetrahydrocannabivarine (THCV) is een cannabinoïde waar veel onderzoek naar is gedaan en is medisch gezien een van de belangrijkste cannabinoïde. Het lijkt bij lage doses te werken als antagonist van cannabinoïdereceptoren.

Sinds de ontdekking van THCV in 1973, is het belang ervan binnen de medische kringen flink toegenomen. En sinds een jaar of tien wordt steeds meer onderzoek gedaan naar de farmacologische eigenschappen ervan. Net als bij CBD wordt vermoed men dat de stof een belangrijke rol kan spelen bij de regulering van het immuunsysteem, vooral bij ontstekingen en ontstekingspijn.

Chemische structuur en eigenschappen van THCV

THCV komt vaker voor in Afrikaanse en Aziatische cannabissoorten (© Mishimoto)

THCV is een molecuul met de scheikundige formule C19H26O2, en bevat dus negentien koolstofatomen, zesentwintig waterstofatomen en twee zuurstofatomen. Net als alle andere fytocannabinoïden is THCV een olieachtige stof die niet oplosbaar is in water, maar wel heel goed oplost in oplosmiddelen op basis van lipiden.

De structuur van THCV lijkt erg op die van THC. De atomen zijn bijna op dezelfde manier gerangschikt, waardoor de 3D-structuur van het molecuul vergelijkbaar is. Het verschil is dat THC een zijketen bevat die bestaat uit een pentylgroep (-C₅H₁₁), en THCV een zijketen heeft die bestaat uit een propylgroep (-CH2CH2CH3). Net als THC heeft THCV verschillende isomeren: de meer gangbare Δ9-THCV en de wat zeldzamere Δ8-THCV.

THCV is niet de enige cannabinoïde met een propylgroep in plaats van een pentylgroep. Andere propylcannabinoïden die overeenkomen met belangrijke pentylcannabinoïden, zijn bijvoorbeeld cannabidivarine (CBDV, homoloog aan CBD) en cannabivarine (CBV, homoloog aan CBN). Al deze propylcannabinoïden hebben het achtervoegsel ‘varine’.

THCV kan zich binden aan CB1-receptoren in de hersenen en het CZS (© Ars Electronica)

Hoe wordt THCV geproduceerd door de cannabisplant?

Veel cannabinoïden, waaronder THC en CBD, worden geproduceerd via de voorloper cannabigerolzuur (CBGA). CBGA is het product van de reactie tussen olivetolzuur en geranylpyrofosfaat.

THCV wordt echter op een iets andere manier gevormd. Geranylpyrofosfaat reageert in dit geval niet met olivetolzuur, maar met divarinolzuur, een vergelijkbaar molecuul, maar met twee koolstofatomen minder.

Door deze reactie wordt cannabigerovarinezuur (CBGVA) gevormd, wat op zijn beurt reageert met het enzym THCV-synthase (vergelijkbaar met THC-synthase dat een rol speelt in de productie van THC), waarbij tetrahydrocannabivarine-carbonzuur (THCVA) wordt gevormd. THCVA wordt vervolgens afgebroken op een manier die vergelijkbaar is met de decarboxylering waarbij THCV wordt geproduceerd.

In een onderzoek uit 2004 (gepubliceerd in de American Journal of Botany) werden landraspopulaties van over de hele wereld getest op de aanwezigheid van cannabinoïden en de verhouding ervan. In alle soorten werd THCV gevonden, waarbij wilde C. indica–populaties uit Centraal- en Zuidoost-Azië en zuidelijk Afrika hogere concentraties bevatten.

In een ander onderzoek, uitgevoerd in 1973 door het farmaceutische bedrijf Syntex, werd een Zuid-Afrikaanse soort gevonden met een THCV-gehalte van maar liefst 53,7 procent en een Afghaanse variant met een gehalte van 48,2 procent.

Zulke hoge percentages THCV zijn uitzonderlijk voor commerciële binnenkweeksoorten. Toch is er inmiddels een aantal soorten ontwikkeld met als doel een zo hoog mogelijk THCV-gehalte te bereiken. Een voorbeeld hiervan is Doug’s Varin, een geheimzinnige soort (waarvan de zaden nog niet beschikbaar lijken te zijn) die is getest door Steep Hill Labs en waarvan de gedecarboxyleerde steekproef 21,1% THC en 24,3% THCV bleek te bevatten.

  1. THCV kan mogelijk worden ingezet bij de behandeling van aan obesitas gerelateerde glucose-intolerantie (© Wikimedia Commons)

Het belang van THCV voor de geneeskunde

Net als verschillende andere cannabinoïden bindt THCV zich aan speciale ‘receptoren’ in de hersenen, in de belangrijkste organen en in de cellen van het immuunsysteem. Deze ‘receptoren’ zijn gespecialiseerde eiwitten die zich bevinden op de presynaptische verbindingen tussen neuronen (zenuwcellen). Tot dusver zijn er twee belangrijke receptoren geïdentificeerd met betrekking tot cannabinoïden, namelijk cannabinoïdereceptoren type I en II, oftewel CB1 en CB2.

THCV kan een binding aangaan met zowel de CB1– als de CB2-receptoren. Opmerkelijk is dat THCV ook een agonistisch of antagonistisch effect lijkt te hebben op de CB1-receptor, afhankelijk van de dosis. In lage doseringen lijkt THCV de CB1-receptor te blokkeren (antagonistisch effect) en in hogere doseringen lijkt het juist een agonistisch effect te hebben, vergelijkbaar met THC!

Er zijn dus sterke aanwijzingen dat ook THCV een psychoactief bestanddeel is. Daarnaast is aangetoond dat het effect van THCV het effect van THC in bepaalde opzichten kan aanvullen. Volgens Steep Hill Labs heeft THCV een energieker en actiever effect dan THC en lijkt de stof het zogenaamde ‘couch-lock’-effect (‘bankplakeffect ‘) van de monoterpeen mycreen tegen te gaan.

Uit onderzoeken naar THCV is gebleken dat de stof in hoge mate kan bijdragen aan de behandeling van aan obesitas gerelateerde glucose-intolerantie bij diabetici, en ook duidelijke ontstekingsremmende eigenschappen heeft. Daarnaast is aangetoond dat THCV, net als CBD, de aanvalsfrequentie van epilepsie bij ratten aanzienlijk kan verlagen en dus een waardevolle factor kan zijn in onderzoeken naar aandoeningen als epilepsie.

Cannabidivarine CBDV

Cannabidivarine (CBDV) is een natuurlijke fytocannabinoïde die in kleine hoeveelheden voorkomt in bepaalde soorten cannabisplanten. Hoewel deze stof minder is bestudeerd dan bijvoorbeeld THC en CBD, duiden de eerste onderzoeken op medische mogelijkheden van CBDV bij de behandeling van neurologische aandoeningen. CBDV als men deze isoleert ziet het er uit als goud poeder.

Structuur en eigenschappen van het CBDV-molecuul

CBDV is voor CBD wat THCV is voor THC. CBDV en THCV zijn beide propylcannabinoïden en ze bevatten in het molecuul een propylketen in plaats van een pentylketen. Door dit subtiele maar belangrijke verschil wijken de eigenschappen van propylmoleculen sterk af van de eigenschappen van CBD en THC.

De effecten van THC en THCV zijn tegenovergesteld aan elkaar, terwijl CBD en CBDV min of meer gelijksoortige medische toepassingsmogelijkheden hebben. CBDV is niet psychoactief en lijkt net als CBDV zeer effectief te zijn als anticonvulsant en anti-epilepticum.

CBDV komt vaker voor in wilde cannabissoorten en landrassen uit Noord-India (© Wiki Commons)

CBDV in de cannabisplant

CBDV komt in hoge concentraties voor in wilde indicasoorten en landrassen uit Noordwest-India en in hasj uit Pakistan. Het is ook aanwezig in veel Mexicaanse cannabissoorten, zij het in veel kleinere hoeveelheden. CBDV wordt in het algemeen aangetroffen in planten met een hoog CBD-gehalte en minder THC.

We weten dat CBD en THC worden gevormd door een reactie van cannabigerolzuur (CBGA) met respectievelijk CBD-synthase en THC-synthase. THCV ontstaat door een reactie van cannabigerovarinezuur (CBGVA) en THCV-synthase, dus men neemt aan dat er een vergelijkbaar mechanisme is voor CBDV, maar dit is nog niet opgehelderd.

Het medisch potentieel van CBDV

Onderzoek heeft aangetoond dat plantenextracten met een hoog CBDV-gehalte bij muizen en ratten sterke anticonvulsieve eigenschappen hebben en dat ze de expressie van bepaalde genen die samenhangen met epilepsie onderdrukken.

Veel van het bestaande onderzoek naar CBDV is uitgevoerd door GW Pharmaceuticals en Otsuka Pharmaceuticals, die samen een patent hebben aangevraagd voor een plantenextract met een hoog CBDV- en CBD-gehalte. Dit extract is bedoeld voor behandeling van neurologische aandoeningen, waaronder epilepsie.

Cannabigerol CBG

Cannabigerol (CBG) is een fytocannabinoïde, d.w.z. een cannabinoïde die van nature voorkomt in planten, in tegenstelling tot de soorten die geproduceerd worden in het lichaam (zgn. endocannabinoïden) of die kunstmatig worden geproduceerd. CBG is in grotere concentraties te vinden in henneprassen en is vaak in relatief lage doses aanwezig in als drug gebruikte cannabisvariëteiten.

Cannabigerol (CBG) is een fytocannabinoïde, d.w.z. een cannabinoïde die van nature voorkomt in planten, in tegenstelling tot de soorten die geproduceerd worden in het lichaam (zgn. endocannabinoïden) of die kunstmatig worden geproduceerd. CBG is in grotere concentraties te vinden in henneprassen en is vaak in relatief lage doses aanwezig in als drug gebruikte cannabisvariëteiten.

CBG en het endocannabinoïde systeem

Aangenomen wordt dat CBG niet psychoactief is en werkt als een milde CB1-receptor-antagonist, een receptorligand die zich aan de receptor bindt en verhindert dat agonisten zoals THC effect uitoefenen.

Bovendien is aangetoond dat CBG effect heeft op de 5HT1_receptor, die bijdraagt aan de regulering van de afgifte van serotonine, en op de adrenoceptor, die de expressie van adrenaline en noradrenaline beheerst in het hele centrale zenuwstelsel.

Er is bewijs gevonden op grond waarvan kan worden aangenomen dat CBG invloed heeft op de CB2-receptor, maar het is niet duidelijk of dit effect agonistisch of antagonistisch is.

Chemische eigenschappen van CBG

Net als alle cannabinoïden is CBG een hydrofobe lipide die bestaat uit een 21-voudige koolstofketen die is gekoppeld aan een aromatische koolwaterstofring. De chemische formule is C21H32O2; die van THC is C21H30O2, net als die van CBC (cannabichromeen) en CBD. CBC en CBD zijn beide isomeren van THC, wat betekent dat ze dezelfde moleculaire formule hebben, maar een andere structuur.

CBG is nauw verwant aan verschillende andere cannabinoïden, waaronder cannabigerolzuur (C22H31O4), ook wel CBGA genoemd, wat een belangrijke voorganger is van THC. CBG vervalt zelf tot CBD en CBC en CBG kan ook rechtstreeks vervallen tot THC, via de invloed van het zuur-synthase-enzym dat uniek is voor de verschillende cannabinoïden (nl. THC-, CBD- en CBC-zuur-synthase). Dit proces is relatief nieuw voor de wetenschappelijke gemeenschap, omdat eerder werd gedacht dat THC een eindproduct was van CBD-verval.

De CBG-groep cannabinoïden

De cannabigerolachtige cannabinoïdegroep bevat zeven verwante moleculen, waaronder CBG zelf. Naast CBG en CBGA bevat de CBG-groep cannabigerovarine (CBGV), cannabinerolzuur A (CBNA), cannabigerovarinezuur (CBNVA) en de monomethylesters van CBG en CBGA, CBGM en CBGAM.

Naar deze groep cannabinoïden is relatief weinig onderzoek gedaan; men denkt echter dat CBNA ook een voorganger is voor THC in bepaalde omstandigheden. De moleculaire paden waarlangs THC wordt gebiosynthetiseerd moeten nog ontdekt worden en succesvolle synthese in het laboratorium gebeurt op een andere manier dan in vitro. Dit verklaart ten dele waarom men dacht dat THC van nature werd gesynthetiseerd uit CBD; tot voor kort dacht men dat dit de enige bewezen methode was voor synthese in het laboratorium.

Het CBG-dominante chemotype

In de natuur is in bepaalde regio’s een trend waargenomen waarbij populaties tenderen naar een CBG-dominant chemotype (chemisch fenotype), vooral op hogere breedten waar henneprassen traditioneel dominant zijn. In ‘normale’ cannabisplanten maakt CBG niet meer dan 10% uit van het cannabinoïdeprofiel; in CBG-dominante planten kan dit wel 94% zijn. In dergelijke populaties is er vaak een overeenkomende, opmerkelijk lage expressie van THC, soms zelfs maar 0,001%.

Men denkt dat een recessief alleletype op een enkele genlocus verantwoordelijk is voor dit fenomeen. De betreffende locus, die gewoon B wordt genoemd, lijkt de synthese van THC of CBD van CBG te sturen. Het CBG-dominante type heeft de allele B0, die codeert voor een foutieve zuur-synthase, het syntheseproces inactiveert en zorgt voor ongebruikelijk hoge CBG-niveaus en overeenkomstig lage THC-niveaus.

De ontdekking van dit fenomeen heeft geleid tot een beter begrip van de genetische mechanismen via welke variëteiten kunnen ontstaan die dominant zijn in slechts één cannabinoïde. Dergelijke variëteiten zijn mogelijk van groot medicinaal belang omdat ze een eenvoudiger extractie en onderzoek mogelijk maken van de dominante cannabinoïde.

Medicinale eigenschappen van CBG

Hoewel CBG nog niet uitgebreid is onderzocht op zijn medische eigenschappen, zijn er verschillende onderzoeken geweest. Een onderzoek uit 2009 naar glaucoom bij katten leidde tot de conclusie dat zowel THC als CBG de intraoculaire druk verlagen en de waterige uitstroom vergroten via het ingewikkelde web aan afvoerkanalen in het weefsel rondom het oog.

CBG blijkt ook een antimisselijkheids- en anti-emetisch (antibraken) effect te hebben bij ratten, maar dit onderzoek kon niet worden gerepliceerd onder mensen. Bovendien is aangetoond dat CBG een ontstekingsremmend effect heeft op maagontstekingen en colitis in muizen. Daarnaast blijkt CBG een pijnstillende werking te hebben, de symptomen van psoriasis te verlichten, te werken als antibacteriële stof en zelfs de verspreiding van tumorcellen te remmen.

Toepassingsgebieden naast THC komt ook telkens CBD ter sprake in verband met het therapeutisch nut van cannabis. CBD veroorzaakt geen psychoactieve effecten. Dat maakt CBD voor veel patiënten het middel bij uitstek om klachten mee te behandelen.

Cannabidiol CBD

De cannabinoïde CBD staat bekend om zijn anti-emetische, antipsychotische, ontstekingsremmende, ontgiftende, tumorremmende, anxiolytische en antidepressieve eigenschappen.  Redenen genoeg om eens nader in te gaan op de medische toepassingsmogelijkheden van CBD.

CBD in de geneeskunde: epilepsie bij kinderen

CBD-olie helpt om pijn, psychosen en epileptische aanvallen te onderdrukken. Zowel in Israël als in de VS zijn onderzoeken uitgevoerd die aantonen dat cannabis met een hoog CBD-gehalte bijdraagt aan vermindering van epilepsieklachten.

Circa 89% minder aanvallen

74 kinderen en tieners in de leeftijd van 1 tot 18 jaar bij wie conventionele epilepsiebehandelmethoden niet aansloegen, zijn in 2014 in Israël behandeld met cannabis met een hoog CBD-gehalte. Gemiddeld namen deze patiënten zes maanden lang CBD-olie. De mengverhouding van CBD en THC bedroeg daarbij 20:1, opgelost in olijfolie. Ze namen 1 tot 20 mg per dag per kilo lichaamsgewicht in.

Het aantal aanvallen tijdens het onderzoek werd door de ouders van de patiënten geregistreerd. De resultaten van het onderzoek luidden als volgt: Bij 89% van de patiënten (66 van de 74) verminderde het aantal aanvallen. De ouders van 13 kinderen (18%) gaven aan dat de epileptische aanvallen met 75% tot 100% waren afgenomen. 25 patiënten (34%) hadden 50% tot 75% minder aanvallen, 9 (12%) spraken van een vermindering van 25% tot 50% en 19 (26%) van minder dan 25%. Bij 5 (7%) van de 74 patiënten werd geconstateerd dat de zwaarte van de aanvallen toenam met CBD, waarop de medicatie werd gestopt.

De Israëlische onderzoekers zagen bovendien, dat gedrag, alertheid, spraak, communicatie, motorische vaardigheden en slaap van de patiënten verbeterden. Als bijwerkingen van de CBD-inname werden gemeld: slaperigheid, vermoeidheid/uitputting, maag-darmklachten en prikkelbaarheid, waardoor vijf patiënten stopten met het gebruik van cannabis.

De resultaten van het onderzoek luiden als volgt: “De resultaten van dit multicenteronderzoek naar de behandeling van hardnekkige epilepsie met CBD in een populatie van kinderen en tieners, zijn buitengewoon veelbelovend. Goed opgezet nader klinisch onderzoek naar het effect van medicinale cannabis met een hoog CBD-gehalte is gerechtvaardigd.”

Gemiddeld 36,5% vermindering van de motorische aanvallen

Achtergrond van dit in 2014 en 2015 uitgevoerde onderzoek naar CBD in de geneeskunde is het feit dat bijna een derde van de epilepsiepatiënten aan een vorm van deze ziekte lijdt waarbij behandelingen niet aanslaan. Een actuele schatting geeft aan dat er alleen al in de VS circa 2,2 miljoen mensen zijn met epilepsie. Dat betekent dat er meer dan 733.000 patiënten zijn die geen of onvoldoende baat hebben bij conventionele epilepsiemedicatie.  Het doel van de onderzoeken aan elf verschillende epilepsiecentra in de VS was om te bepalen of behandelingen op basis van cannabis veilig, verdraagbaar en effectief zijn bij kinderen en tieners met therapieresistente epilepsie. In totaal meldden 214 jonge patiënten in de leeftijd van 1 – 30 jaar zich aan om minimaal twaalf weken lang CBD tot zich te nemen.

De resultaten van dit openbare onderzoek suggereren dat CBD bij kinderen en tieners met extreem therapieresistente epilepsie het aantal aanvallen vermindert en veilig genoeg is om te gebruiken. Bij aanvang van het onderzoek bedroeg het aantal aanvallen gemiddeld 30,0 per maand, en dat daalde naar 15,8 tijdens de twaalf weken dat er met CBD werd behandeld. De gemiddelde vermindering van maandelijkse motorische aanvallen bedroeg 36,5%.

 

Charlotte’s Web voor kinderen met epilepsie

Cannabissoorten met een hoog CBD-gehalte staan al jaren bekend om hun positieve effecten bij kinderen en tieners met epilepsie. Charlotte Figi uit Colorado lijdt aan het syndroom van Dravet en had op zesjarige leeftijd meer dan 300 krampaanvallen per week, wat haar ontwikkeling sterk hinderde. Nadat men alle soorten epilepsiemedicatie had geprobeerd, werden Charlotte en haar ouders door de behandelende artsen naar huis gestuurd met de mededeling dat hun mogelijkheden waren uitgeput en er niets meer voor het meisje kon worden gedaan.

De ouders van Charlotte gaven echter niet op en kwamen na een zoektocht in contact met de gebroeders Stanley die tot ver buiten Colorado bekend staan om hun kweek van medicinale cannabissoorten met hoge gehaltes aan CBD. Charlotte werd behandeld met een speciaal voor haar ontwikkelde soort. De resultaten waren direct merkbaar: De eerste zeven dagen van de innameperiode had het meisje helemaal geen krampaanvallen meer. Acht maanden later waren de aanvallen nog steeds met 99% verminderd. Dankzij dit grote succes werd de verrijkte cannabissoort omgedoopt tot “Charlotte’s Web“.

Cannabidiol voor het syndroom van Dravet

In maart 2016 maakte het Britse bedrijf GW Pharmaceuticals bekend dat het eerste deel van een fase-drie-onderzoek naar het medicijn Epidiolex met positief resultaat is afgesloten. In totaal namen hier 120 personen aan deel. De helft kreeg het op cannabidiol gebaseerde medicijn toegediend en de andere helft werd met een placebo behandeld. Bij patiënten die met Epidiolex werden behandeld, verminderden de maandelijkse krampaanvallen met gemiddeld 39%. Bij patiënten die de placebobehandeling ondergingen was dat 13%.

Orrin Devinsky, M.D. van het Comprehensive Epilepsy Center aan het NYU Langone Medical Center zegt hierover: “De resultaten van dit placebo-gecontroleerde onderzoek naar Epidiolex zijn niet alleen belangrijk maar ook buitengewoon interessant, want ze vormen het eerste bewijs voor de veiligheid en de effectiviteit van farmaceutische cannabidiol bij de behandeling van kinderen met het syndroom van Dravet. Dravet is één van de ernstigste vormen van epilepsie en is zeer moeilijk te behandelen.

In het tweede deel van dit fase-drie-onderzoek worden nog eens 150 jonge patiënten die lijden aan het syndroom van Dravet behandeld met Epidiolex. Bovendien test GW Pharmaceuticals het medicijn in een mondiaal klinisch onderzoek ook op patiënten met het syndroom van Lennox-Gastaut. De resultaten daarvan worden nog in 2016 verwacht.

CBD in de geneeskunde: Schizofrenie

CBD biedt mensen die lijden aan schizofrenie een therapeutisch alternatief, want een derde van de patiënten die aan dit psychische ziektebeeld lijden, krijgt met conventionele antipsychotica hun symptomen onvoldoende onder controle. Schizofrenie kenmerkt zich door verstoringen in de waarneming, het denken, de ik-functies, de wil, de effectiviteit, het bewegingsapparaat en de psychomotoriek.

Het is bekend dat een significant deel van de schizofrenie-patiënten lijdt aan een reeks natuurlijke en iatrogene (door medische behandeling opgewekte) metabolische effecten als zwaarlijvigheid, type-2-diabetes, glucose-intolerantie en vetstofwisselingsziekten. Schizofrenie-patiënten lijden eveneens vaak aan chronische systemische ontstekingen, het cushingsyndroom (hyperadrenalisme) en overdreven stressreacties. Aangezien het endocannabinoïdesysteem in de hersenen onder andere verantwoordelijk is voor het behoud van de geestelijke gezondheid en omdat cannabis dit ECS beïnvloedt, zien onderzoekers hier behandelingsmogelijkheden. Het endocannabinoïdesysteem reguleert emoties, slaap, het beloningssysteem en het aversieve geheugen. CBD kan als medicijn een positieve invloed hebben op de metabolische, ontstekingsremmende en stressgerelateerde aspecten van schizofrenie.

Verbetering van anandamidesignalen

Onderzoekers hebben in 2012 ontdekt dat cannabidiol de anandamidesignalen verbetert en de psychotische symptomen van schizofrenie vermindert. Uit een klinisch onderzoek bleek dat de remming van de anandamide-deactivering kan bijdragen aan de antipsychotische werking van CBD, wat een nieuw mechanisme in de behandeling van schizofrenie zou betekenen.

Anandamide (ananda = Sanskriet voor de afwezigheid van ongeluk, oftewel: gelukzaligheid) speelt een belangrijke rol bij de regulering van eetlust en van de gevoelens vreugde en dankbaarheid. (Anandamide zit overigens ook in chocolade.) Het bindt zich aan de cannabinoïde-receptoren en heeft invloed op pijn, energieregulering en geheugenfuncties.

GWP42003 als potentieel medicijn

Het Britse bedrijf GW Pharmaceuticals begon in 2014 met het testen van een medicijn onder de naam GWP42003, dat cannabidiol bevat als belangrijkste cannabinoïde. De eerste onderzoeken wijzen op een antipsychotische werking bij schizofrenie. Volgens berichten van het bedrijf bevindt men zich nu in fase 2 van het onderzoek. De kritiek van patiënten is echter dat dit medicijn slechts als toevoeging wordt gegeven voor het innemen van andere antipsychotica.

CBD voorkomt psychosen

Onderzoekers in Brazilië hebben begin 2016 ontdekt dat behandeling met CBD psychosen kan voorkomen. Dat werd bij dierproeven vastgesteld.

CBD in de geneeskunde: Pijn

Chronische en neuropathische pijnen

Het ontstaan van chronische pijn kan allerlei oorzaken hebben: diabetes, multiple sclerose, kanker, HIV, reuma, zware ongelukken en dergelijke meer. Behandeling van pijn draagt bij aan verhoging van de kwaliteit van leven van de patiënt. Afhankelijk van de mate van pijn gebruiken mensen (vrij verkrijgbare) pijnstillers als aspirine, ibuprofen, diclofenac en paracetamol. Ter pijnbestrijding worden ook vaak opioïden gebruikt. Deze kennen echter veel bijwerkingen.

 

Naar schatting sterven er in Duitsland zo’n 2000 mensen per jaar aan de bijwerkingen van pijnstillers. De werkelijke cijfers zullen echter nog veel hoger liggen. Zo liggen de cijfers voor de VS duidelijk hoger. Volgens het CDC (Center for Disease Control and Prevention) zijn de sterftecijfers door overdosering van voorgeschreven opioïden sinds 1999 maar liefst verviervoudigd.  Tussen 1999 en 2014 stierven er in de VS meer dan 165.000 mensen aan een overdosis opioïden. In 2014 waren bijna twee miljoen Amerikanen verslaafd aan voorgeschreven opioïden.

Vermindering van hyperalgesie dankzij CBD

Tijdens dierproeven hebben onderzoekers al in 2007 ontdekt dat dagelijkse toediening van CBD leidde tot vermindering van hyperalgesie (verhoogde gevoeligheid voor pijnprikkels). Het therapeutisch potentieel van CBD bij chronische pijn werd toentertijd in de conclusies van het onderzoek vermeld.

Minder pijn, minder opiaten en een betere kwaliteit van leven

Een actueel onderzoek uit Israël bevestigt dat cannabis pijn vermindert, het gebruik van opiaten reduceert en de kwaliteit van leven van de patiënten verbetert. In totaal werden 274 patiënten behandeld, waarbij moet worden vermeld dat er geen pure CBD werd gebruikt maar medicinale cannabis die ook THC (en andere cannabinoïden) bevatte. Desalniettemin zijn de resultaten veelbelovend:

Na zes maanden was de gemiddelde pijnsymptoomwaardering gedaald van 83,3 naar 75,0. Ook de pijnintensiteitsbeleving verbeterde zich.  Het opiatengebruik nam tijdens de observatieperiode af met circa 44%. De positieve resultaten van het onderzoek suggereren dat cannabis voor deze groep patiënten van langdurig nut kan zijn, aldus de onderzoekers.

Medicinale cannabis in plaats van opioïden

Via een online enquête werden van november 2013 tot februari 2015 in Michigan 244 cannabispatiënten geïnterviewd die aan chronische pijn lijden.  Het gebruik van medicinale cannabis ging gepaard met 64% afname aan het gebruik van opioïden, minder bijwerkingen en een verbeterde kwaliteit van leven bij 45% van de deelnemers aan het onderzoek. Het onderzoek suggereert dat patiënten hun opioïden in feite vervingen door medicinale cannabis. Daarnaast meldden ze meer baat en minder bijwerkingen te ondervinden van medicinale cannabis dan van andere medicijnen. Ook hier dient als voorbehoud te worden genoemd dat het niet uitsluitend ging om de inname van CBD, maar van medicinale cannabis in het algemeen.

Pijn bij kanker

Pijn bij kanker kan bijvoorbeeld worden veroorzaakt door ontstekingen of beschadiging van zenuwen, botten en andere pijngevoelige lichaamsdelen. Hardnekkige en ernstige pijn bij kanker is vaak niet goed te behandelen met opioïden. Het gebruik van CBD als medicijn is in die gevallen een volwaardig alternatief. Het werkt ontstekingsremmend en pijnstillend zonder de werking van het zenuwstelsel aan te tasten. Bovendien vermindert CBD de effectiviteit van chemotherapie niet.

Veel van de in het verleden uitgevoerde dierproeven leidden tot de conclusie dat de neuropathie of zenuwpijn bij gebruik van het medicijn Paclitaxel (Taxol/PAC) tijdens chemotherapie verminderde door CBD toe te dienen. Neuropathie veroorzaakt symptomen als pijnen en een verdoofd of tintelend gevoel. CBD is al gebruikt voor experimentele voorbehandelingen bij de PAC-therapie tegen borstkanker.

Zoals de ACM onlangs meldde kunnen cannabinoïden die de CB2-receptoren activeren botpijn bij kanker verminderen. Hiervoor werd de synthetische cannabinoïde JWH-015 gebruikt.

CBD in de geneeskunde: Kanker

Neuroblastoom is een kwaadaardige ziekte van het sympathische zenuwstelsel die vooral kinderen treft. Het is de op twee na meest voorkomende vorm van kinderkanker. Een neuroblastoom kan zich in de bijnieren, langs de wervelkolom, in het hoofd-/halsgebied en in de borst, in de buik en in het bekken ontwikkelen.

CBD doet tumoren krimpen

Voor patiënten biedt behandeling met CBD een glimpje hoop. Dat bleek uit een onderzoek waarvan de resultaten in maart 2016 werden gepubliceerd. Zowel THC als CBD werden in-vitro en in-vivo getest. Beide cannabinoïden hebben eigenschappen die tumoren doen krimpen, waarbij CBD de meest actieve cannabinoïde was. De resultaten suggereren dat nader onderzoek naar de effectiviteit van CBD als antikankermiddel in de beheersing van neuroblastoma is vereist.

Inderdaad heeft onderzoek inmiddels aangetoond dat CBD de groei van verschillende soorten tumoren effectief remt. Bovendien dempt het de groeibevorderende signalen van glioomcellen.

CBD in de geneeskunde: Depressie

Aan de hand van dierproeven zijn er de eerste wetenschappelijke bewijzen dat CBD een effectief en veilig middel kan vormen tegen depressiviteit.

Meer motivatie en lust

Bij een experiment met ratten werd een motivatiestimulerend en een zogeheten “prohedonisch” effect (vrij vertaald: lustbevorderend effect) geconstateerd. Onderzoekers konden hiermee het tot nu toe omstreden effect van CBD als antidepressivum onderbouwen. De resultaten suggereren dat cannabidiol positieve effecten kan hebben bij de behandeling van klinische depressiviteit en in gevallen van ernstige anhedonie.

Snelwerkend antidepressivum

Bij gedragsonderzoek in muizen kwam men onlangs tot de conclusie dat CBD niet alleen angst tegengaat, maar ook als een snelwerkend antidepressivum lijkt te werken. Bovendien wezen de tests op een verhoogde prikkeloverdracht tussen de zenuwcellen voor Cortical 5-HT/glutamaten. De resultaten van het onderzoek suggereren dat CBD een nieuw, veilig en snelwerkend antidepressivum kan zijn.

CBD in de geneeskunde: Multiple sclerose

Symptomen van multiple sclerose zijn pijn, spastische verlamming, depressie, vermoeidheidsverschijnselen en incontinentie. CBD kan mensen die aan MS lijden veel verlichting brengen. De ontstekingsremmende eigenschappen werden al beschreven in een experiment uit 2013. CBD bood daarbij duurzame bescherming tegen de schadelijke effecten van ontstekingen veroorzaakt door virale multiple sclerose. Het therapeutisch potentieel is significant.

CBD in de geneeskunde: Autisme

Ervaringen van ouders met autistische kinderen wijzen op een positief effect van de toediening van CBD aan jonge patiënten. De toestand van de kinderen verbeterde zowel op fysiek als psychisch vlak.

Behandeling met CBD is bij de ene ziekte meer onderzocht dan bij de andere. Lijdt u zelf of iemand die u kent aan één van de hierboven genoemde ziekten, of verzorgt u een patiënt? Heeft u ervaring met het gebruik of de toediening van CBD?

CBD in de geneeskunde is een zeer uitgebreid onderwerp. Dit artikel beschrijft lang niet alle ziektebeelden waarvoor deze cannabinoïde mogelijk een effectief medicijn is of kan worden. Verder onderzoek is noodzakelijk. Eigen ervaringen zijn vaak een begin.

Echte we mogen van de NVWA geen aanbevelingen hebben op onze sites dus helaas. 

Bronnen: Wikipedia, pubmed & sensiseeds